Nieuws

Nieuws / 17-06-2020

Blog: Ken uw geschiedenis

De laatste uitgave van het Economisch instituut voor de bouw (EIB) heeft de titel ‘Crisis en Crisismaatregelen in de bouw ’. Verplicht leesvoer voor beleidsmakers als je het mij vraagt.

Het rapport Crisis en crisismaatregelen in de bouw’ is opgesteld in opdracht van het Ministerie van BZK. In de Nederlandse bouwsector dreigen 40.000 arbeidsjaren verloren te gaan in de komende twee jaar. Met gericht overheidsbeleid kan dit verlies tot de helft worden teruggebracht, luidt de conclusie van de onderzoekers. 

Het EIB waarschuwt voor een verlies in productievolume en daaraan gekoppeld een verlies in de werkgelegenheid van 40.000 voltijdbanen. Vanwege het laat-cyclische karakter van de bouw kan het productie- en banenverlies bij ongewijzigd overheidsbeleid na 2021 nog krachtiger doorzetten. Het perspectief is somber. Interessant is daarom het hoofdstuk waarin wordt gekeken naar de reconstructie van de vorige banken en eurocrisis en de effecten van maatregelen. Daarbij passeren verschillende stimuleringsmaatregelen de revue. De lijst is indrukwekkend.

Tegelijkertijd hervormingen woningmarkt

Naast stimuleringsmaatregelen werden tegelijkertijd maatregelen genomen om de woningmarkt te hervormen. De hypotheekrenteaftrek werd aangescherpt evenals het maximale leenbedrag (Loan to value en Loan to income) om in aanmerking te komen voor hypotheekrenteaftrek moest voortaan vanaf dag één op de hypotheek worden afgelost en de verhuurdersheffing voor woningcorporaties  werden ingevoerd.

Lessons learned: do’s en don’ts

Peter Boelhouwer c.s. stellen dat de stimuleringsmaatregelen weliswaar een positief effect hebben gehad maar dat de woningmarkthervormingen tegenovergesteld uitpakten (en daarmee het herstel remden) met uitzondering van de verlaging van de overdrachtsbelasting. Ook de timing van de verschillende maatregelen was niet goed en veelal te laat. Wat leren we hier uit voor de volgende crisis die vergelijkbare effecten zal hebben? Het EIB beoordeelt 10 maatregelen op hun maatschappelijke effecten zowel ten aanzien van de woningmarkt en verduurzaming als gevolgen voor de overheidsfinanciering en kijkt vooruit nu zich een volgende crisis aandient. Daarmee is dit zo’n interessante studie. Ook voor bestuurders van gemeenten en provincies.

Helden van de woningmarkt

Tijdens de vorige crisis werden starters gekarakteriseerd als de ‘helden van de woningmarkt. Doorstromers bewogen niet of wilden eerst verkopen alvorens zich op de woningmarkt te begeven. Bovendien stonden op het hoogtepunt van de crisis ook nog eens ruim 1,5 miljoen woningen ‘onder water’. Als gevolg van de crisis en dalende werkgelegenheid ontstond er een grote vraaguitval en starters vulden dat gat. Het Kadaster rekende uit dat in de crisis bij 50% van de transacties een starter betrokken was. Inmiddels is dat percentage gedaald naar 32% en zit de starter in het verdomhoekje.

De ervaringen zijn er...

Met een rijksbijdrage van € 50 miljoen en bijdragen van provincies  kon het aantal Startersleningen tijdens de crisis in gemeenten worden verdubbeld en starters droegen daarmee direct en indirect bij aan de continuïteit van de woningproductie en alle andere sectoren die afhankelijk zijn van de woningmarkt. En nu? De ervaringen zijn er, de effecten zijn positief en het instrument kan morgen worden ingevoerd en sluit aan bij beleid van gemeenten. Niet helemaal verrassend dat het EIB dus opnieuw adviseert voor de komende 2 jaar naast een tijdelijke verhoging van de NHG grens ter stimulering van de woningmarkt € 50 miljoen beschikbaar te stellen voor de Starterslening. Ook andere ondersteunende maatregelen voor een eerste aankoop op de woningmarkt zijn goed. Kamerlid Koerhuis opperde recentelijk nog om voor starters eenmalig iets te doen met het financieren van de kosten-koper.

Andere maatregelen

Andere interessante suggesties uit het EIB rapport zijn de invoering van het lage BTW-tarief op het arbeidsdeel voor onderhoud en verbetering en uitgebreide subsidiepakketten voor de verduurzaming van scholen en particuliere woonhuizen.

Daadkrachtig besturen

Wat mij bij het lezen van het rapport vooral bij blijft is de ‘timing’. Hollen we achter de feiten aan of hebben we geleerd van de vorige crisis: anticiperen of reageren. De studie van het EIB ontneemt beleidsmakers het excuus van ‘onbekendheid met de materie’. Het gaat dus uiteindelijk om daadkrachtig besturen, regie nemen en keuzes maken.

Jan Willem Van Beek Svn